Drama in het chateau

Kristof Vande Velde maakte zich klaar om vier dagen lang het gebeuren op Pukkelpop te recenseren toen de storm toesloeg. Hier volgt zijn verhaal:

Er is niets nieuws aan het verhaal dat ik vertel. Ik heb stijve spieren, af en toe een lichte hoofdpijn, mijn geld ligt te drogen en ik zie de beelden telkens wanneer ik mijn ogen sluit. "Waar was jij toen het gebeurde?," is de tweede vraag die Pukkelpop-gangers aan elkaar stellen of stelden. Ik had net beslist om met mederecensent Steven en vriendin Kristin van de Club, waar we even voor de regen hadden geschuild, richting Chateau te vertrekken.

Het was hevig aan het waaien en het begon licht te regenen toen we binnen gingen. Ik spotte Goddeau-collega M - zijn verhaal hier - en ging achter hem en zijn vriendin zitten, pal in het midden van de tent. Toen Smith Westerns tien minuten later hun eerste nummer inzetten, wees ik mijn metgezellen naar buiten, waar het zo hevig aan het regenen was alsof er een grijze muur voor de uitgang stond. We hadden medelijden met onze vrienden aan het hoofdpodium en prezen ons gelukkig dat wij droog stonden. Denken aan veiligheid kwam niet in ons op.

Tot mijn vriendin ons wees op de grote luchters die langs alle kanten begonnen te bewegen. Het videoscherm dat naar beneden donderde, heb ik niet opgemerkt. Wel zag ik regen binnen de tent stromen, rechts vooraan. Er was nog helemaal geen paniek. Die kwam er een seconde later toen links vooraan het tentzeil volledig losscheurde. Dat beeld is onbeschrijfelijk. Het was alsof een gigantische waterval binnen de tent stapte. Ik heb het intussen al honderden keren gezien.

Drama

Wat ik me daarna herinner, zijn enkel nog flarden.

Ik volgde de massa naar achteren, temidden een immens geschreeuw. Ik wist niet waar ik naartoe liep. Kristin nam me stevig bij mijn pols en loodste me al kruipend tussen de omvergewaaide stellingen naar buiten - en dit weet ik enkel uit haar mond. Alles lijkt slow motion. Zoals de aluminium balk die ik naar mijn hoofd voel komen maar me totaal geen pijn doet. Het is enkel een waas die voor mijn ogen hangt.

In een volgende flits zie ik meisjes voor me op de grond liggen, links van de ingang. Het is wellicht daar dat ik gewoon stil stond, zoals mijn vriendin me achteraf zei. Geen idee waarom maar ik blokkeerde. Ik weet zelfs niet meer of ik recht stond. Ze zei dat ik mijn handen voor mijn gezicht hield om me tegen de hagel te beschermen, maar die voelde ik niet op dat moment. Ik herinner me hoe Steven een stap achteruit zette en me bij mijn arm meesleurde.

Pas toen ik onder de tribune stond met Kristin en Steven naast me, begon ik terug helder na te denken. Vanaf hier werkt mijn geheugen weer zoals het hoort. Ik kreeg de hagel vooral op mijn hoofd en rug. Een meisje zat voor ons gehurkt, om bescherming te zoeken.

Een man stelde voor om elkaar vast te pakken, om niet onderkoeld te raken. Links zag ik dat de Goddeau-collega het had gehaald. Rechts zag ik J van een platenlabel, ook ontredderd onder de tribune. Het was onwezenlijk om de tent daar te zien liggen. Daar moesten nog mensen onder liggen.

We hebben het overleefd

Mijn vriendin stuurde onmiddellijk een bericht naar mijn en haar directe familie dat we ongedeerd waren. Een veiligheidsagent riep ons dat we daar zo snel mogelijk weg moesten. Nog goed dat gsm-operatoren in het begin nog gedeeltelijk werkten want dankzij ons bericht aan onze vrienden dan we achterin de Marquee stonden, konden we ze na een klein uur terugvinden. Dat was het enige wat telde, in de armen vallen van mensen die je graag ziet en zien dat het goed met hen gaat.

We besloten te gaan kijken naar onze slaaptenten, als die er nog waren, om de schade op te meten. Wat volgt is een vreemde mix van blije mensen en ontredderde gezichten. De camping bleek een minder groot slagveld dan we hadden gevreesd. Mijn tent had het begeven maar lag er nog. Alles erin was nat, maar dat was niet belangrijk. Dat zoveel juichten toen werd omgeroepen dat het festival door zou gaan, konden we niet begrijpen. Wij waren enkel dankbaar dat wij het geluk hebben gehad dit nog te kunnen navertellen.

Bron: Pukkelpop