Journalisten slachtoffers in Dendermonde
Gruwel van Dendermonde raakt journalisten diep
De steekpartij die plaatsvond in de Dendermondse kinderkribbe Fabeltjesland heeft de journalisten op alle redacties diep geraakt. De journalisten zijn geschokt. Sommige journalisten halen hun zakdoek boven. De brutale moord op slapende baby’s heeft een aantal zekerheden in het leven gewoon overhoop gehaald. Ook de familie van enkele van onze collega’s werd zwaar getroffen.
Timothy Vermeir was aan het werk op de redactie toen hij hoorde dat er iets aan de hand was in de crèche van zijn zoontje. Hij belde onmiddellijk naar zijn buurman en vroeg even te gaan kijken of alles in orde was met Korneel.
Kris Van Damme vertelt: “Ik ben meteen naar de crèche gesneld. De chaos was er compleet. En toen was er eindelijk iemand die iets meer wist. Volgens die persoon was er al zeker één kindje dood: Korneel.”
Kris Van Damme wachtte Timothy Vermeir daarna op aan het opvangcentrum.”Timothy was totaal over zijn toeren toen hij hier arriveerde. Hij wist nog van niets . Ik heb hem in de mijn armen gepakt en gezegd dat zijn zoontje dood was. “(haalt diep adem). “Timothy en Katrien verdienden dit niet. Ik heb er gewoon geen woorden voor.”
(bron:Het Nieuwsblad).
Het dochtertje van redacteur Bart Van Belle, was in de crèche toen de steekpartij plaatsvond maar ontsnapte als bij wonder aan de aanslag. Haar vader schrijft in Het Nieuwsblad de gebeurtenissen neer van die onwaarschijnlijke dag.
“De dag voordien had Mies koorts gehad, maar die ochtend leek alles normaal zodat ze naar de crèche kon. Ik was nog maar net op mijn werk toen de gsm rinkelde. Mies had weer koorts en de crèche vroeg om haar te komen halen. Ik zei dat we haar om 11 uur zouden komen ophalen. Ondertussen legden ze haar te slapen op de babyslaapzaal.
De ochtendbvvergadering was nog maar net begonnen toen het nieuws over de steekpartij in een school in Dendermonde binnenliep. Ik moest even slikken, want mijn oudste kinderen zitten in een school in Sint-Gillis-Dendermonde.
Om kwart voor 11 werd duidelijk dat de steekpartij zich had afgespeeld in een kinderdagverblij. Die van mijn dochter. Mijn lichaam vulde zich met adrenaline. In paniek was ik niet, maar de onzekerheid was dodelijk.
Ik probeerde naar het kinderdagverblijf te bellen, maar kreeg steeds :”Netwerk bezet.”Om 11 uur kreeg ik zekerheid en ik belde mijn vriendin op. Ze was net aangekomen in Dendermonde en op weg naar het kinderdagverblijf. De lijn viel snel weg. Achteraf zei ze mij dat ze bijna van haar fiets gevallen was.
Om 11 uur sprak het radionieuws van vijf doden. Twee opvoeders en drie kindjes. Eén gedachte spooket door mijn hoofd. “Had ik mijn dochter maar thuisgehouden.”
Ik wilde zo snel mogelijk in Dendermonde zijn maar alles zat tegen. Rode lichten, gesloten slagbomen, een tractor die het verkeer ophield.Ik besloot nog een keer te bellen naar het kinderdagverblijf maar niemand nam op.
Om kwart na 11 telefoon van mijn vriendin. Er was opvang voorzien in het dienstencentrum. Ook zij had nog geen informatie over de toestand van onze dochter.
Dan kwam ik bij het dienstencentrum. Ik sprong uit de auto. Uit een ambulance die net gestopt was, werden drie kindjes gehaald. Een van hen was mijn dochter. De verpleger overhandigde mij mijn dochter en zei dat ze ongedeerd was. Ik reageerde euforisch maar maar die euforie smolt weg toen ik de ouders van andere kinderen zag toestromen. Het gevoel mijn kind ongedeerd terug te zien, was onbeschrijflijk. Alleen waren de omstandigheden intriest. Een tiental andere ouders wachtten op nieuws over hun kind.
De slachtofferopvang kwam op gang. Politie en hulpverleners gaven alle kindjes een nummer. Er werd een namenlijst gemaakt van de aanwezige kindjes.
De taferelen die zich buiten afspeelden waren hartverscheurend. Ouders die nog geen nieuws hadden over hun kinderen liepen kriskras door mekaar, op zoek naar informatie.
De pastoor van Sint-Gillis-Dendermonde kwam een praatje maken met de ouders. Ik dacht aan de moeilijke dagen die nog zouden komen. Aan de begrafenis. Aan de tijd die nodig zal zijn om van het drama te bekomen.
Rond 12 uur kwam er stilaan duidelijkheid over het aantal slachtoffers. Drie doden was de verschrikkelijke balans.
Terwijl ik buiten even van de emoties bekwam , vroeg de vader van een ander kind mij of alles oké was met mijn dochter. Ik antwoordde bevestigend en zag hem vervolgens een ander lokaaltje binnengaan waar hij en zijn vrienden opgevangen werden. Ik besefte dat hij waarschijnlijk minder geluk heeft gehad.
Als we om 13 uur vertrokken, werden we bij het buitengaan, ondanks de politie-escorte, meteen omstuwd door fotografen. Sommigen hadden blijkbaar niet genoeg aan een paar foto’s en bleven flitsen. Even werd het me teveel. “Ga uit de weg, lul”, riep ik naar een fotograaf die me bijna deed struikelen.
Om kwart voor drie ging ik mijn twee oudste kinderen van school halen. Onderweg botste ik op collega’s van de krant. Ze vertelden me dat de dader vooral tekeer was gegaan bij de slapende baby’s. Ik besefte nogmaals dat onze dochter goed was weggekomen. Kindjes die naast haar lagen te slapen, waren er nu niet meer of vochten in het ziekenhuis voor hun leven.”