Sportjournalist is een gevaarlijk beroep
In Nederland krijgen sportjournalisten die onomwonden schrijven en zeggen waar het op staat alsmaar vaker af te rekenen met doodsbedreigingen. En het blijft niet alleen bij scheldmails aan het adres van de journalist. Humberto Tan van NOS ontving ooit een kogelbrief, terwijl zijn collega Mart Smeets naast dreigementen ook fysiek harde klappen kreeg.
Maar wat Johan Derksen, hoofdredacteur van het tijdschrijft Voetbal International overkwam, was ronduit misdadig. Een man had ermee gedreigd hem neer te schieten als hij zich vertoonde op de wedstrijd Willem II-Feyenoord. Daarom ging Derksen niet naar de wedstrijd: “Ik vond het niet zo’n goed idee om daar een beetje uitdagend rond te lopen. “
Sportjournalisten behoren tot risicogroep drie, na de misdaadjournalisten en de rechtbankverslaggevers. Dat staat te lezen in het rapport “Bedreigingen in Nederland” dat het Willem Pompe Instituut in 2005 publiceerde: “Met name als over voetbal geschreven of gesproken wordt, kunnen sportverslaggevers verzekerd zijn van dreigementen afkomstig van de harde kern van grote voetbalclubs”.
Mart Smeets publiceerde in Trouw een brief over zijn persoonlijke reactie op de bedreigingen die tegen hem geuit werden: “Een doodsbedreiging krijgen in de vorm van keurig geschreven brieven is, hoe onzinnig de eis ook is en hoe idioot de briefschrijver ook moge zijn, een traumatische ervaring.”
In veel gevallen geven sportjournalisten die bedreigd worden geen ruchtbaarheid aan de zaak, vaak op aanraden van de politie.
“Zo weinig mogelijk ruchtbaarheid aan geven”,adviseert Chris Van Nijnatten, voetbalverslaggever van het AD. Hugo Borst (AD, Studio Voetbal) legt uit waarom: “De man die Derksen bedreigt is toch niet in staat zijn dreigement uit te voeren. Dus moet je niet toegeven aan je angst.”